Sitemenu

maandag 10 mei 2021
left
content-main-left

Nieuws

Sinds 1995 is het aantal runderen in Vlaanderen continu gedaald tot 1,35 miljoen stuks in 2005. Dat is in vergelijking met tien jaar geleden een vermindering met 22 procent. Tegelijkertijd treedt er een duidelijke verschuiving op van melkproductie naar vleesproductie. Dat staat te lezen in het Vlaamse landbouwrapport 2005, uitgegeven door het Vlaamse ministerie van Landbouw. Dit is het eerste rapport dat een beschrijving geeft van de toestand van de Vlaamse land- en tuinbouw.
Het aantal land- en tuinbouwbedrijven in Vlaanderen is in vergelijking met tien jaar geleden ongeveer met 28 procent gedaald tot 34.410 stuks in 2005. Het landbouwareaal in die periode is nauwelijks gewijzigd, de schaalvergroting zet zich onverminderd door.
Op de Vlaamse boerenbedrijven waren vorig jaar 67.000 mensen werkzaam, een daling van 19 procent tegenover 1995.
Het aantal bedrijven dat runderen houdt bedraagt 18.237 in 2005. Dit is iets meer dan de helft van alle landbouwexploitaties. Bijna 32 procent van de Vlaamse landbouwbedrijven is gespecialiseerd in de rundveehouderij: 4972 bedrijven in de melkproductierichting, 4787 bedrijven in het vleesvee en 1447 gemengde bedrijven. Sinds 1995 is het aantal runderen continu gedaald tot 1,35 miljoen stuks in 2005. Dit is een daling van 22 procent in een periode van 10 jaar. Tegelijkertijd treedt er een duidelijke verschuiving op van melkproductie naar vleesproductie. Het gemiddeld aantal runderen per bedrijf steeg tot 74 stuks in 2005.
De totale eindproductiewaarde van de Vlaamse land- en tuinbouwsector in 2004 bedroeg bijna 4,5 miljard euro. Varkensvlees, groenten en zuivel dragen het meest bij. Het aandeel rundvlees is dalend en vertegenwoordigt nog slechts een kleine 10 procent van de totale eindproductiewaarde.
Uit de leeftijdspiramide blijkt dat de basis van de Vlaamse landbouw klein is. Slechts 3 procent heeft een bedrijfsleider jonger dan 30 jaar, terwijl 7 procent ouder is dan 65 jaar. De meeste bedrijfsleiders hebben een leeftijd tussen 40 en 45 jaar.
Slechts 13,7 procent van alle bedrijven, waarvan het bedrijfshoofd ouder is dan 50 jaar, heeft een vermoedelijke opvolger. De opvolging kent vooral problemen op de kleinere bedrijven. De opvolging is het meest gegarandeerd op de gespecialiseerde, gemengde rundveebedrijven.

right